(praten over eten, leefstijl of gewoontes)
Te veel suiker is heel ongezond.
Roken is een ongezonde gewoonte.
Frietjes elke dag eten is ongezond.
Volgens de dokter is mijn cholesterol ongezond hoog.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(iemands uiterlijk of conditie beschrijven)
Hij ziet er de laatste tijd erg ongezond uit.
Ze had een ongezonde, bleke kleur.
Na de griep zag hij er nog wekenlang ongezond uit.
(praten over relaties, gedrag of situaties)
Hun relatie is gewoon ongezond.
Het is ongezond om zo veel te piekeren.
Een ongezonde obsessie met werk leidt vaak tot een burn-out.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.