🇬🇧

Onmogelijk

Attributive forms

Als je 'onmogelijk' vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt, verandert het vaak in 'onmogelijke'. Bijvoorbeeld: 'een onmogelijke keuze' of 'de onmogelijke taak'. Als het zelfstandig naamwoord geen lidwoord heeft, gebruik je soms 'onmogelijk', zoals in 'onmogelijk werk'.

With definite article
With indefinite article
Without article

Predicative form

Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijken' gebruik je altijd 'onmogelijk'. Bijvoorbeeld: 'Het is onmogelijk om dat te doen' of 'Dat wordt onmogelijk'.

Comparative

Om te zeggen dat iets moeilijker of minder mogelijk is dan iets anders, gebruik je 'onmogelijker'. Bijvoorbeeld: 'Deze test is onmogelijker dan de vorige'. Je kunt ook 'dan' gebruiken: 'Dit is onmogelijker dan ik dacht'.

Base form
With "dan"

Superlative

Als je wilt zeggen dat iets het minst mogelijk of het moeilijkst is, gebruik je 'onmogelijkst' of 'onmogelijkste'. Bijvoorbeeld: 'Dit is het onmogelijkste wat ik ooit heb gedaan' (na 'zijn') of 'Dit is de onmogelijkste opdracht' (vóór een zelfstandig naamwoord).

Attributive
Predicative

Important notes

  • usage:'Onmogelijk' wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iets niet kan of niet lukt. Het is sterker dan 'moeilijk'.
  • spelling:Let op: in de vergrotende en overtreffende trap komt er '-er' of '-st' achter 'onmogelijk', maar de 'e' blijft staan: onmogelijker, onmogelijkst.

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.