🇬🇧

Ophalen

Auxiliary verb

hebben

hebben/zijn; trans, intrans; scheidbaar werkwoord

'Ophalen' is een scheidbaar werkwoord. In de hoofdzin wordt 'op' van de stam gescheiden en gaat naar het einde; in de bijzin en in de infinitief en het voltooid deelwoord blijft het voorvoegsel verbonden ('dat ik ophaal', 'ophalen', 'opgehaald').

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Gebiedende wijs

Aanvoegende wijs

Examples

  • Ik haal mijn broer op van het vliegveld.

    tegenwoordige tijd, indicatief

  • Zij haalde het geld gisteren op bij de bank.

    verleden tijd, indicatief

  • We hebben gezellig oude herinneringen opgehaald.

    voltooide tijd, indicatief

  • Haal de was op voor het gaat regenen!

    gebiedende wijs, imperatief

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.