NEDERLANDS
🇬🇧

Opvoeren

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

overgankelijk werkwoord (kan een lijdend voorwerp hebben)

Kan zowel letterlijk (een toneelstuk opvoeren) als figuurlijk (cijfers of kosten opvoeren) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • ik

  • jij / je

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • De acteurs voeren vanavond 'Hamlet' op.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Vorig jaar hebben we een musical opgevoerd.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Voer jij de cijfers op in het rapport?

    tegenwoordige tijd, vragende wijs

  • Als zij het stuk opvoeren, zal het een succes worden.

    toekomende tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.