(over gedrag, uitstraling of een boodschap)
Hij komt heel aardig over bij zijn nieuwe collega's.
Haar uitleg kwam verwarrend over tijdens de vergadering.
Jij komt altijd zo rustig over in gesprekken.
Haar speech kwam heel oprecht over bij het publiek.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(familie of vrienden die van ver op bezoek komen)
Mijn zus komt dit weekend over uit Antwerpen.
Kun je morgen even overkomen om me te helpen met de verhuizing?
Mijn broer is dit weekend overgekomen uit Brussel.
Kom je zondag even over voor de verjaardag?
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.