Pas
Singular forms
'Pas' is een zelfstandig naamwoord dat meestal verwijst naar een kaart of document waarmee je iets kunt bewijzen of toegang krijgt tot iets. Het kan ook 'stap' of 'doorgang' betekenen, maar dat is minder gebruikelijk in het dagelijks Nederlands.
- Definite (de/het)
- Indefinite (een)
- Without article
Plural forms
De meervoudsvorm 'passen' wordt gebruikt als je het over meerdere kaarten of documenten hebt. Bijvoorbeeld: 'Ik heb drie passen in mijn portemonnee.'
- Definite (de)
- Without article
Diminutive form
Het verkleinwoord 'pasje' wordt vaak gebruikt voor kleine, draagbare kaarten zoals een identiteitskaart, lidmaatschapskaart of betaalkaart. Het klinkt vriendelijker en informeler.
informeel
Common compounds
bankpas
Een kaart waarmee je geld kunt opnemen of betalen via een bank.
OV-chipkaart
Een kaart waarmee je kunt reizen met het openbaar vervoer in Nederland.
lidmaatschapspas
Een kaart die bewijst dat je lid bent van een vereniging of sportschool.
bergpas
Een doorgang of weg tussen bergen.
paspoort
Een officieel document waarmee je naar het buitenland kunt reizen.
Common word combinations
aanvragen
'Aanvragen' wordt vaak gebruikt met 'pas' als je een nieuwe pas wilt krijgen, bijvoorbeeld bij de gemeente of bank.
verlopen
'Verlopen' betekent dat de geldigheidsduur van de pas voorbij is.
blokkeren
'Blokkeren' betekent dat je de pas onbruikbaar maakt, bijvoorbeeld als je hem kwijt bent of als er fraude is.
laten zien
'Laten zien' betekent dat je de pas moet tonen om toegang te krijgen of iets te bewijzen.
inleveren
'Inleveren' betekent dat je de pas teruggeeft, bijvoorbeeld als je geen lid meer bent.
Important notes
- irregular:Het woord 'pas' heeft meerdere betekenissen. Naast 'kaart' of 'document' kan het ook 'stap' betekenen (bijvoorbeeld: 'Hij deed een pas naar voren') of 'net' (bijvoorbeeld: 'Ik ben pas aangekomen'). Let op de context om de juiste betekenis te begrijpen.
- usage:In de betekenis van 'kaart' of 'document' is 'pas' meestal telbaar. Je kunt dus zeggen: 'een pas', 'twee passen', enzovoort. In de betekenis van 'stap' is het ook telbaar, maar in de betekenis van 'net' is het niet telbaar (bijvoorbeeld: 'Ik ben pas klaar').
- register:Het verkleinwoord 'pasje' wordt vaak gebruikt in informele situaties, bijvoorbeeld als je het hebt over een lidmaatschapskaart of een klantenkaart. In formele contexten (bijvoorbeeld bij een paspoort) gebruik je meestal 'pas'.
- countability:'Pas' is meestal telbaar als het gaat om een kaart of document. Je kunt dus zeggen: 'Ik heb drie passen'. In andere betekenissen (zoals 'net') is het niet telbaar.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.