NEDERLANDS
🇬🇧

Pikken

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

zwak werkwoord

'Pikken' kan zowel letterlijk (iets snel pakken) als figuurlijk (iets stelen) gebruikt worden. Informeel taalgebruik.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Ik pik elke dag een appel uit de fruitschaal.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft mijn telefoon gepikt!

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Pikte je vroeger ook snoep bij de supermarkt?

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Pik niet altijd de laatste koek!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.