🇬🇧

Raken

Auxiliary verb

hebben (meestal), zijn (in sommige contexten zoals 'geraakt zijn door')

onovergankelijk en overgankelijk werkwoord

'Raken' kan zowel fysiek (aanraken) als emotioneel (ontroeren) gebruikt worden. Het kan ook 'treffen' of 'bereiken' betekenen, afhankelijk van de context.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Examples

  • Ik raak de bal met mijn voet. (I touch the ball with my foot.)

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij raakte gewond tijdens het ongeluk. (He got injured during the accident.)

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Ben je geraakt door de film? (Were you touched by the movie?)

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Raak de hond niet aan, hij bijt! (Don't touch the dog, he bites!)

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Het is belangrijk dat je de juiste snaar raakt. (It is important that you hit the right chord.)

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.