Attributive forms
Als je 'sappig' vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt, verandert het vaak naar 'sappige'. Bijvoorbeeld: 'de sappige aardbei' of 'een sappige tomaat'. Voor onzijdige woorden in het enkelvoud zonder lidwoord gebruik je 'sappig': 'sappig fruit'.
- With definite article
- With indefinite article
- Without article
Predicative form
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'sappig'. Bijvoorbeeld: 'De perzik is sappig' of 'Het vlees wordt sappig na het braden'.
Comparative
Om te zeggen dat iets meer sappig is, gebruik je 'sappiger'. Bijvoorbeeld: 'Deze druif is sappiger dan die'. Je kunt ook vergelijken met 'dan': 'Sinaasappels zijn sappiger dan citroenen'.
- Base form
- With "dan"
Superlative
Voor de hoogste graad van sappigheid gebruik je 'sappigste' (voor een zelfstandig naamwoord) of 'sappigst' (na een werkwoord). Bijvoorbeeld: 'Dit is de sappigste mango' of 'Dit stuk vlees is het sappigst'.
- Attributive
- Predicative
Important notes
- usage:'Sappig' wordt vaak gebruikt om fruit of groenten te beschrijven die veel vocht bevatten. Het kan ook figuurlijk gebruikt worden, bijvoorbeeld: 'een sappig verhaal'.
- spelling:In de overtreffende trap wordt de vorm 'sappigste' vaker gebruikt dan 'sappigst', vooral in attributieve positie.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.