NEDERLANDS
🇬🇧

Schuiven

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

onovergankelijk en overgankelijk werkwoord; sterk werkwoord (verandering van klinker in de verleden tijd)

Het werkwoord 'schuiven' wordt vaak gebruikt om een beweging aan te geven waarbij iets langzaam of voorzichtig wordt verplaatst, vaak zonder op te tillen.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Verleden tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

  • zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Ik schuif mijn stoel dichterbij om beter te kunnen zien.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij schoof de gordijnen open om het zonlicht binnen te laten.

    verleden tijd, aantonende wijs

  • Wij hebben de tafel geschoven om meer ruimte te maken.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Schuif die doos eens naar de andere kant!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.