Sluiten
Auxiliary verb
hebben
onregelmatig sterk werkwoord
Het werkwoord 'sluiten' kan zowel letterlijk (bijv. een deur sluiten) als figuurlijk (bijv. een overeenkomst sluiten) gebruikt worden.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
Ik sluit het boek en leg het op tafel.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij sloot de vergadering met een kort dankwoord.
verleden tijd, aantonende wijs
De winkel is gesloten vanwege een feestdag.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Sluit de deur als je weggaat!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.