NEDERLANDS
🇬🇧

Snikken

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

onovergankelijk, regelmatig (zwak werkwoord)

Het werkwoord 'snikken' drukt een intense emotionele reactie uit, vaak verdriet of wanhoop. Het wordt meestal gebruikt in contexten waar iemand huilt met geluid, vaak met tussenpozen.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Het kind snikt omdat hij zijn speelgoed kwijt is.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij heeft de hele nacht gesnikt na de breuk.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Als hij niet zo zou snikken, zou ik hem beter kunnen troosten.

    onvoltooid tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

  • Snik niet zo, het komt allemaal goed!

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.