Auxiliary verb
hebben
onregelmatig werkwoord
Het werkwoord 'snuiten' wordt voornamelijk gebruikt in de context van het snuiten van de neus, en is minder formeel dan bijvoorbeeld 'neus snuiten' als uitdrukking.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
Examples
Ik snuit mijn neus altijd als ik verkouden ben.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hij heeft zijn neus net gesnoten.
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Snuit je neus voordat je binnenkomt!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
Toen ik klein was, snoot ik mijn neus vaak.
verleden tijd, aantonende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.