NEDERLANDS
🇬🇧

Spreker

deCommon nounA2

Singular forms

'Spreker' is een persoon die spreekt, meestal tijdens een formeel of informeel evenement zoals een conferentie, feest of bijeenkomst. Het wordt vaak gebruikt in combinatie met woorden die het soort evenement of de rol van de spreker beschrijven (bijv. 'hoofdspreker', 'gastspreker').

Definite (de/het)
Indefinite (een)
Without article

Plural forms

Het meervoud 'sprekers' wordt gebruikt om meerdere personen aan te duiden die spreken. Het wordt vaak gebruikt in contexten waar meerdere mensen een presentatie of toespraak geven, zoals op congressen of festivals.

Definite (de)
Without article

Diminutive form

Wordt vaak gebruikt om een spreker op een informeel of vertederend evenement aan te duiden, zoals een kinderfeestje of een kleine bijeenkomst. Kan ook een licht neerbuigende bijklank hebben als het over een volwassen spreker gaat.

informeel

Common compounds

  • hoofdspreker

    De belangrijkste spreker op een evenement.

  • gastspreker

    Een spreker die uitgenodigd is om te spreken op een evenement.

  • motivatiespreker

    Een spreker die mensen motiveert en inspireert.

  • sprekerstribune

    Een podium of plek waar sprekers staan tijdens een evenement.

Common word combinations

  • toespraak

    Een 'toespraak' is wat een spreker zegt tijdens een formeel of informeel evenement. Vaak gebruikt in combinatie met werkwoorden zoals 'houden' of 'geven'.

  • publiek

    Het 'publiek' zijn de mensen die naar de spreker luisteren. Vaak gebruikt met werkwoorden zoals 'toespreken', 'betrekken' of 'overtuigen'.

  • onderwerp

    Het 'onderwerp' is waar de spreker over praat. Vaak gebruikt met werkwoorden zoals 'kiezen', 'behandelen' of 'bespreken'.

  • microfoon

    Een 'microfoon' wordt vaak gebruikt door sprekers om hun stem te versterken. Vaak gecombineerd met werkwoorden zoals 'pakken', 'gebruiken' of 'aanzetten'.

Important notes

  • usage:Het woord 'spreker' wordt vaak gebruikt in combinatie met werkwoorden zoals 'spreken', 'praten', 'vertellen', 'presenteren' of 'toespraak houden'. Bijvoorbeeld: 'De spreker sprak over zijn reizen' of 'De spreker hield een toespraak'.
  • countability:'Spreker' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Dit betekent dat je het zowel in het enkelvoud als in het meervoud kunt gebruiken. Bijvoorbeeld: 'Er was één spreker' of 'Er waren drie sprekers'.
  • register:In zeer informele contexten of spreektaal wordt soms het woord 'prater' gebruikt in plaats van 'spreker', maar dit is minder gebruikelijk en kan een negatieve bijklank hebben (bijv. iemand die veel praat zonder inhoud).

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.