Attributive forms
Als je 'straf' vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt, verandert het vaak naar 'straffe'. Bijvoorbeeld: 'de straffe wind' of 'een straffe drank'. Voor het-woorden zonder lidwoord gebruik je soms 'straf', zoals in 'straf werk'.
- With definite article
- With indefinite article
- Without article
Predicative form
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijken' gebruik je altijd 'straf'. Bijvoorbeeld: 'De koffie is straf' of 'De wind wordt straf'.
Comparative
Om te zeggen dat iets 'straf' is in vergelijking met iets anders, gebruik je 'straffer'. Bijvoorbeeld: 'Deze koffie is straffer dan die van gisteren'. Voor een zelfstandig naamwoord gebruik je 'straffere', zoals in 'een straffere wind'.
- Base form
- With "dan"
Superlative
Voor het hoogste niveau van 'straf' gebruik je 'strafst' of 'strafste'. Na 'zijn' of 'worden' gebruik je 'strafst': 'Dit is het strafst'. Voor een zelfstandig naamwoord gebruik je 'strafste': 'de strafste wind'.
- Attributive
- Predicative
Important notes
- usage:'Straf' wordt vaak gebruikt om iets krachtigs, intens of streng aan te duiden, zoals wind, drank, of een schot. Het is minder gebruikelijk in alledaagse gesprekken dan bijvoorbeeld 'sterk'.
- spelling:Let op: in de stellende trap (attributief) gebruik je 'straffe' voor zowel de- als het-woorden (de straffe wind, het straffe schot).
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.