Strak
Adjectivezonder enige ruimte of speling, goed aansluitend
(kleding die strak om het lichaam zit)
Zij draagt een strak jurkje naar het feestje.
De spijkerbroek zit strak, maar het staat goed.
- Simple
De blouse sluit goed aan op haar lichaam.
- Present Tense
Hij draagt een strakke t-shirt vandaag.
- Interrogative
Zit deze trui strak genoeg?
- Context & Scenario
Op het feest draagt ze een strakke jurk die haar figuur accentueert.
- Idiomatic
Ze voelt zich als een vis in het water in haar strakke kleding.
- Compound
De blouse zit strak, maar hij is comfortabel.
- Past Tense
Zij droeg gisteren een strakke jurk naar het diner.
- Declarative
Deze broek zit echt goed, zonder enige speling.
- Context & Scenario
In de modeklas leren we hoe we kleding kunnen maken die goed aansluit.
- Related Word
Draag kleding met een goede pasvorm van deze designer.
- Complex
De jurk, die perfect aansluit, met haar figuur benadrukt, ziet er prachtig uit.
- Future Tense
Morgen zal hij een strak pak dragen voor de vergadering.
- Imperative
Draag een outfit die goed aansluit!
- Context & Scenario
Ik koop strakke kleding voor de sportschool.
- Synonym
Deze outfit is nauwsluitend en trendy.
vast, stevig en zonder beweging
(iets dat strak wordt vastgemaakt)
Hij bond de touwen strak aan de boot.
Zorg ervoor dat het deksel strak op de pan zit.
- Compound
Ik maak de lijn vast aan de paal, en hij doet het zelfde met het zeil.
- Past Tense
Hij maakte de tas vast aan het fietsrek.
- Imperative
Maak het pakket goed vast voordat je het verzendt!
- Context & Scenario
De leerlingen leren hoe ze een tent moeten vastmaken.
- Idiomatic
Je moet alles op zijn plaats vastmaken, anders vliegt het alle kanten op.
- Simple
Ik maak de lijn vast aan de paal.
- Present Tense
Ze maken het gewicht vast aan de bank.
- Declarative
Het is belangrijk om de spullen vast te maken voor de reis.
- Context & Scenario
Ik moet de tuinmeubels vastmaken om ze bij slecht weer te beschermen.
- Synonym
Ze vastgebonden het pakket met touw.
- Complex
Als het touw goed is vastgemaakt, zullen we de zeilboot kunnen gebruiken.
- Future Tense
We zullen het eiland vastmaken aan de boot.
- Interrogative
Maak jij de zeilen vast voor de reis?
- Context & Scenario
Bij het feestje maken we de ballonnen vast aan de stoelen.
- Related Word
Gebruik een sterke riem om de lading vast te zetten.
ernstig of streng, zonder liefde of genegenheid
(iemand die strak is in zijn gedrag)
De leraar had een strakke houding tijdens de les.
Hij keek met een strakke blik naar de kinderen.
- Simple
Hij is altijd ernstig als hij met zijn leerlingen praat.
- Past Tense
Gisteren sprak de coach ernstig met het team.
- Compound
Hij was ernstig, maar hij maakte ook af en toe een grap.
- Future Tense
Morgen moet hij ernstig zijn tijdens de vergadering.
- Interrogative
Waarom heb je zo'n ernstig gezicht?
- Complex
De ouder, die altijd ernstig is, vertelde ons dat we hard moeten werken.
- Present Tense
Ze kijkt ernstig naar de situatie.
- Declarative
Die aanpak is ernstig te nemen.
- Imperative
Neem het ernstig alsjeblieft!
- Synonym
Hij vertoont altijd een strenge houding tijdens trainingen.
- Context & Scenario
Ze sprak ernstig met haar vrienden over hun toekomst.
- Context & Scenario
Tijdens het feest vertelde hij een ernstig verhaal over zijn verleden.
- Idiomatic
Hij is altijd ernstig in zijn werk, maar dat helpt hem om succesvol te zijn.
- Context & Scenario
Tijdens de les had de meester een ernstige uitdrukking op zijn gezicht.
- Related Word
De seriousiteit van de situatie maakte iedereen stil.
klam of benauwd (bij lucht)
(een ruimte waar de lucht strak is)
De kamer voelde strak aan door het slechte ventilatie.
Het was zo strak in de auto dat we moeilijk konden ademen.
- Simple
De ruimte in het lokaal was benauwd tijdens de les.
- Past Tense
Gisteren voelde de ruimte in de trein erg benauwd aan.
- Declarative
De lucht in deze ruimte is echt benauwd.
- Context & Scenario
In de zomer is de ruimte vaak te benauwd om te werken.
- Synonym
De ruimte, ook wel omgeving genoemd, was drukkend.
- Compound
De ruimte was zo klam dat we de ramen moest openen, maar het hielp niet veel.
- Present Tense
Ik voel me ongemakkelijk in deze ruimte.
- Interrogative
Voel jij ook hoe klam de lucht in deze ruimte is?
- Context & Scenario
Als we niet ventileren, zal de ruimte klam blijven.
- Idiomatic
In de zomer kan de lucht soms klam aanvoelen, vooral in kleine ruimtes.
- Complex
De ruimte, die vol mensen was, voelde benauwd aan doordat de airconditioning niet werkte.
- Future Tense
Zal de ruimte in de bioscoop morgen beter geventileerd zijn?
- Imperative
Open de ramen als de ruimte klam aanvoelt!
- Context & Scenario
Tijdens de meeting was de ruimte erg benauwd, waardoor iedereen zich ongemakkelijk voelde.
- Related Word
De atmosfeer in de ruimte was onaangenaam warm.