Strak

Adjective
1
Simple
Present Tense
Interrogative
Context & Scenario
Idiomatic
Compound
Past Tense
Declarative
Context & Scenario
Related Word
Complex
Future Tense
Imperative
Context & Scenario
Synonym
Jonge vrouw in een strak formeel jurkje op een feest, omringd door warme gouden lichten en blurrige silhouetten van andere gasten.
Strak Jurkje op Feest - Vrouw in Elegante Outfit
Jonge vrouw in een strak formeel jurkje op een feest, omringd door warme gouden lichten en blurrige silhouetten van andere gasten.
2
Compound
Past Tense
Imperative
Context & Scenario
Idiomatic
Simple
Present Tense
Declarative
Context & Scenario
Synonym
Complex
Future Tense
Interrogative
Context & Scenario
Related Word
Een vrolijke cartoonfiguur die touwtjes stevig vastbindt aan een kleurrijke boot in een helder havenlandschap.
Vrolijke cartoonveiligheid in de haven
Een vrolijke cartoonfiguur die touwtjes stevig vastbindt aan een kleurrijke boot in een helder havenlandschap.
3
Simple
Past Tense
Compound
Future Tense
Interrogative
Complex
Present Tense
Declarative
Imperative
Synonym
Context & Scenario
Context & Scenario
Idiomatic
Context & Scenario
Related Word
Strenge leraar in een kleurrijk klaslokaal, met een stapel boeken en een strikte houding, kijkt oplettend naar de leerlingen.
Strenge leraar in een klaslokaal met kinderen
Strenge leraar in een kleurrijk klaslokaal, met een stapel boeken en een strikte houding, kijkt oplettend naar de leerlingen.
4
Simple
Past Tense
Declarative
Context & Scenario
Synonym
Compound
Present Tense
Interrogative
Context & Scenario
Idiomatic
Complex
Future Tense
Imperative
Context & Scenario
Related Word
Een dramatisch interieur met gespannen figuren die worstelen om te ademen in een benauwde ruimte.
Beeld van een benauwde ruimte met gespannen figuren
Een dramatisch interieur met gespannen figuren die worstelen om te ademen in een benauwde ruimte.