NEDERLANDS
🇬🇧

Stralen

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

regelmatig werkwoord

'Stralen' betekent vaak 'een helder licht uitstralen' of figuurlijk 'heel blij of gelukkig overkomen'.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

Examples

  • De zon straalt vandaag heel fel.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij heeft de hele dag gestraald na zijn examenresultaten.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Straal jij ook zo als je je favoriete muziek hoort?

    tegenwoordige tijd, vragende wijs

  • Moge je altijd stralen van geluk!

    tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.