Attributive forms
Als je 'verlegen' voor een zelfstandig naamwoord gebruikt, zeg je bijvoorbeeld 'de verlegen jongen' of 'een verlegen kind'. Het woord verandert niet, of het nu 'de' of 'een' is.
- With definite article
- With indefinite article
- Without article
Predicative form
Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'verlegen'. Bijvoorbeeld: 'Hij is verlegen' of 'Zij wordt verlegen'.
Comparative
Om te zeggen dat iemand meer verlegen is dan een ander, gebruik je 'verlegener'. Bijvoorbeeld: 'Zij is verlegener dan haar zus'. Je kunt ook 'verlegener dan' gebruiken om een vergelijking te maken.
- Base form
- With "dan"
Superlative
Als je wilt zeggen dat iemand het meest verlegen is, gebruik je 'verlegenst' of 'verlegenste'. Bijvoorbeeld: 'Hij is het verlegenst van allemaal' of 'De verlegenste persoon zei niets'.
- Attributive
- Predicative
Important notes
- usage:'Verlegen' kan ook als bijwoord gebruikt worden, bijvoorbeeld: 'Hij keek verlegen naar de grond.'
- spelling:In de vergrotende en overtreffende trap verandert de spelling soms licht: 'verlegener' en 'verlegenst(e)'.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.