NEDERLANDS
🇬🇧

Vrolijken

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

onovergankelijk en overgankelijk werkwoord (betekenis: iemand blij of vrolijk maken)

Het werkwoord 'vrolijken' wordt vaak gebruikt om aan te geven dat iemand of iets een positieve invloed heeft op de stemming van anderen.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je

  • u

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we

  • jullie

Tegenwoordig deelwoord

Examples

  • De zon vrolijkt de hele dag op.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Hij probeert zijn vriendin op te vrolijken na een slechte dag.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Vrolijkend liep ze door de straat.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.