NEDERLANDS
🇬🇧

Webwinkel

deCommon nounA1

Singular forms

'Webwinkel' is een de-woord. Het wordt gebruikt om één online winkel aan te duiden. Bijvoorbeeld: 'Ik heb een webwinkel gevonden met goede reviews.'

Definite (de/het)
Indefinite (een)
Without article

Plural forms

De meervoudsvorm van 'webwinkel' is 'webwinkels'. Bijvoorbeeld: 'Er zijn veel webwinkels die kleding verkopen.'

Definite (de)
Without article

Diminutive form

Het diminutief 'webwinkeltje' geeft een gevoel van iets kleins, schattigs of minder formeels. Het kan ook een vriendelijke of informele toon aangeven.

informeel

Common compounds

  • webwinkelkorting

    korting die je krijgt in een webwinkel

  • webwinkelervaring

    ervaring die je hebt met online winkelen

  • webwinkelier

    iemand die een webwinkel heeft of beheert

Common word combinations

  • openen

    Het werkwoord 'openen' wordt vaak gebruikt als je begint met een webwinkel.

  • bezoeken

    Het werkwoord 'bezoeken' betekent dat je naar de website van de webwinkel gaat.

  • bestellen

    Het werkwoord 'bestellen' gebruik je als je iets koopt in de webwinkel.

  • betalen

    Het werkwoord 'betalen' verwijst naar het afrekenen van je aankopen.

Important notes

  • usage:'Webwinkel' wordt vaak gebruikt in de context van online winkelen en e-commerce. Het is een modern woord dat steeds vaker voorkomt.
  • countability:'Webwinkel' is een telbaar zelfstandig naamwoord. Je kunt dus zeggen 'één webwinkel', 'twee webwinkels', enzovoort.

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.