(iemand stemt duidelijk in met een uitspraak)
Ja, ik kom wel vanavond naar het feestje.
Hij heeft het wel tegen mij gezegd, hoor!
Ik weet wel waar hij woont, dus ik fiets er zo even heen.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(een ontkenning of aarzeling tegenspreken)
(iets doen hoewel er bezwaar of moeite is)
Ze zal wel al zijn aangekomen in Parijs.
Het zal wel regenen later vandaag.
Dat zal wel kloppen, maar ik wil het zelf even controleren.
(een inschatting maken over iets)
(geruststellen dat iets in orde is)
Het is wel erg koud vandaag!
Het huis is wel groot genoeg voor ons gezin.
Die nieuwe baan is wel interessant voor je.
(de mate van iets benadrukken)
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.