(voertuig of fiets)
Mijn auto heeft vier wielen.
Het wiel van mijn fiets is helemaal krom.
Een fiets heeft twee wielen.
Op de snelweg verloor de vrachtwagen plotseling een wiel.
Ik heb het voorwiel van mijn fiets vervangen.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(machine of uitvinding)
De pottenbakker liet het wiel rustig draaien.
Je hoeft het wiel niet opnieuw uit te vinden.
Het wiel is een van de belangrijkste uitvindingen van de mens.
We gaan voor dit project het wiel niet opnieuw uitvinden.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.