Auxiliary verb
hebben
onregelmatig werkwoord
Het werkwoord 'winnen' wordt vaak gebruikt in de context van wedstrijden, competities, of het behalen van succes. Het kan zowel letterlijk (bijv. een spel winnen) als figuurlijk (bijv. vertrouwen winnen) worden gebruikt.
Infinitief
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij, zij / ze, het
wij / we, jullie
zij / ze
Verleden tijd
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het
wij / we, jullie, zij / ze
Voltooid deelwoord
Tegenwoordig deelwoord
Aanvoegende wijs
ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze
Gebiedende wijs
jij / je, u, jullie
Examples
Ik win graag spelletjes met mijn vrienden.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Hebben jullie de wedstrijd gewonnen?
voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Als ik de loterij win, koop ik een huis.
tegenwoordige tijd, aantonende wijs
Win deze ronde, dan trakteer ik!
tegenwoordige tijd, gebiedende wijs
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.