NEDERLANDS
🇬🇧

Wippen

VerbA2

Auxiliary verb

hebben

regelmatig werkwoord

Het werkwoord 'wippen' kan zowel letterlijk (fysieke beweging) als figuurlijk (kleine bewegingen of schommelingen) gebruikt worden.

Infinitief

Tegenwoordige tijd

  • ik

  • jij / je, u

  • jij / je

  • hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Verleden tijd

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het

  • wij / we, jullie, zij / ze

Voltooid deelwoord

Tegenwoordig deelwoord

Aanvoegende wijs

  • ik, jij / je, u, hij, zij / ze, het, wij / we, jullie, zij / ze

Gebiedende wijs

  • jij / je, u, jullie

Examples

  • Ik wip elke ochtend op mijn fiets naar het werk.

    tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Zij heeft gisteren uren op de trampoline gewipt.

    voltooid tegenwoordige tijd, aantonende wijs

  • Wip jij even op de weegschaal?

    tegenwoordige tijd, gebiedende wijs

  • Als hij wat meer zou oefenen, wippe hij makkelijker over het paard.

    onvoltooid tegenwoordige tijd, aanvoegende wijs

I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.