(op zaterdag naar de markt)
Op zaterdag ga ik meestal naar de markt in het centrum.
De zaterdag is voor veel mensen een dag om uit te rusten en familie te bezoeken.
Elke zaterdag gaan we samen ontbijten bij mijn moeder.
Die zaterdag was ik ziek en bleef ik de hele dag in bed.
We hebben een gezellige zaterdag gehad met de hele familie.
Volgende week zaterdag vier ik mijn verjaardag met vrienden.
Op zaterdag is het altijd druk in de winkelstraat.
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.