(afspraak of activiteit plannen voor die avond)
We gaan zaterdagavond met vrienden naar de bioscoop.
Zaterdagavond blijf ik thuis om een boek te lezen.
Zaterdagavond kook ik altijd iets lekkers.
We hebben zaterdagavond in het restaurant afgesproken.
Kom je zaterdagavond ook naar het feestje?
Welke zin inspireerde dit schilderij?
I built this dictionary to be the most complete Dutch learner's resource of its kind. Definitions and examples are generated, so you may spot the occasional mistake — trust your instincts.