NEDERLANDS
🇳🇱

    Aangesmeerd

    uncommonZipf 2.2

    werkwoord

    • aansmeren

      Werkwoord/'ansmerən; 'ansmerə/

      infinitief

      aansmeren

      tegenwoordige tijd

      smeer aanaansmeersmeert aanaansmeertsmeren aanaansmeren

      verleden tijd

      smeerde aanaansmeerdesmeerden aanaansmeerden

      tegenwoordig deelwoord

      aansmerendaansmerende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren