NEDERLANDS
🇳🇱

    Aanloopt

    uncommonZipf 2.4

    werkwoord

    • aanlopen

      Werkwoord/'anlopən; 'anlopə/

      infinitief

      aanlopen

      tegenwoordige tijd

      loop aanaanlooploopt aanaanlooptlopen aanaanlopen

      verleden tijd

      liep aanaanliepliepen aanaanliepen

      tegenwoordig deelwoord

      aanlopendaanlopende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren