NEDERLANDS
🇳🇱

    Aanroeren

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • aanroeren

      Werkwoord/'anrurən; 'anrurə/

      infinitief

      aanroeren

      tegenwoordige tijd

      roer aanaanroerroert aanaanroertroeren aanaanroeren

      verleden tijd

      roerde aanaanroerderoerden aanaanroerden

      tegenwoordig deelwoord

      aanroerendaanroerende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren