NEDERLANDS
🇳🇱

    Aanvecht

    uncommonZipf 2.3

    werkwoord

    • aanvechten

      Werkwoord/'anvɛxtən; 'anvɛxtə/

      infinitief

      aanvechten

      tegenwoordige tijd

      vecht aanaanvechtvechten aanaanvechten

      verleden tijd

      vocht aanaanvochtvochten aanaanvochten

      tegenwoordig deelwoord

      aanvechtendaanvechtende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren