Afbrokkelen
uncommonZipf 2.2
werkwoord
afbrokkelen
Werkwoord/'ɑvbrɔkələn; 'ɑvbrɔkələ/infinitief
afbrokkelentegenwoordige tijd
brokkel afafbrokkelbrokkelt afafbrokkeltbrokkelen afafbrokkelenverleden tijd
brokkelde afafbrokkeldebrokkelden afafbrokkeldentegenwoordig deelwoord
afbrokkelendafbrokkelende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.