NEDERLANDS
🇳🇱

    Afbuigen

    uncommonZipf 2.4

    werkwoord

    • afbuigen

      Werkwoord/'ɑvbœyɣən; 'ɑvbœyɣə/

      infinitief

      afbuigen

      tegenwoordige tijd

      buig afafbuigbuigt afafbuigtbuigen afafbuigen

      verleden tijd

      boog afafboogbogen afafbogen

      tegenwoordig deelwoord

      afbuigendafbuigende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren