NEDERLANDS
🇳🇱

    Afgelaste

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord; adjectief

    • afgelasten

      Werkwoord/'ɑfxəlɑstən; 'ɑfxəlɑstə/

      infinitief

      afgelasten

      tegenwoordige tijd

      gelast afafgelastgelasten afafgelasten

      verleden tijd

      gelastte afafgelasttegelastten afafgelastten

      tegenwoordig deelwoord

      afgelastendafgelastende
    • afgelast

      Bijvoeglijk naamwoord/'ɑfxəlɑst/

      stellende trap

      afgelastafgelasteafgelasts

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren