NEDERLANDS
🇳🇱

    Afgetraind

    uncommonZipf 2.2

    werkwoord

    • aftrainen

      Werkwoord/'ɑftrenən; 'ɑftrenə; 'ɑftrɛːnən; 'ɑftrɛːnə/

      infinitief

      aftrainen

      tegenwoordige tijd

      train afaftraintraint afaftrainttrainen afaftrainen

      verleden tijd

      trainde afaftraindetrainden afaftrainden

      tegenwoordig deelwoord

      aftrainendaftrainende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren