NEDERLANDS
🇳🇱

    Afgevaardigd

    uncommonZipf 2.2

    adjectief; werkwoord

    • afgevaardigd

      Bijvoeglijk naamwoord/'ɑfxəvardəxt/

      stellende trap

      afgevaardigdafgevaardigde
    • afvaardigen

      Werkwoord/'ɑfardəɣən; 'ɑfardəɣə/

      infinitief

      afvaardigen

      tegenwoordige tijd

      vaardig afafvaardigvaardigt afafvaardigtvaardigen afafvaardigen

      verleden tijd

      vaardigde afafvaardigdevaardigden afafvaardigden

      tegenwoordig deelwoord

      afvaardigendafvaardigende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren