NEDERLANDS
🇳🇱

    Afkoppelen

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • afkoppelen

      Werkwoord/'ɑfkɔpələn; 'ɑfkɔpələ/

      infinitief

      afkoppelen

      tegenwoordige tijd

      koppel afafkoppelkoppelt afafkoppeltkoppelen afafkoppelen

      verleden tijd

      koppelde afafkoppeldekoppelden afafkoppelden

      tegenwoordig deelwoord

      afkoppelendafkoppelende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren