NEDERLANDS
🇳🇱

    Afkrijgen

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • afkrijgen

      Werkwoord/'ɑfkrɛɪɣən; 'ɑfkrɛɪɣə/

      infinitief

      afkrijgen

      tegenwoordige tijd

      krijg afafkrijgkrijgt afafkrijgtkrijgen afafkrijgen

      verleden tijd

      kreeg afafkreegkregen afafkregen

      tegenwoordig deelwoord

      afkrijgendafkrijgende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.