Aflaten
uncommonZipf 2.5
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de aflaat
Zelfstandig naamwoord/'ɑflat/enkelvoud
aflaatmeervoud
aflatenaflaten
Werkwoord/'ɑflatən; 'ɑflatə/infinitief
aflatentegenwoordige tijd
laat afaflaatlaten afaflatenverleden tijd
liet afaflietlieten afaflietentegenwoordig deelwoord
aflatendaflatende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.