Afspeelden
uncommonZipf 1.8
werkwoord
afspelen
Werkwoord/'ɑfspelən; 'ɑfspelə/infinitief
afspelentegenwoordige tijd
speel afafspeelspeelt afafspeeltspelen afafspelenverleden tijd
speelde afafspeeldespeelden afafspeeldentegenwoordig deelwoord
afspelendafspelende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.