NEDERLANDS
🇳🇱

    Aftelt

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • aftellen

      Werkwoord/'ɑftɛlən; 'ɑftɛlə/

      infinitief

      aftellen

      tegenwoordige tijd

      tel afafteltelt afaftelttellen afaftellen

      verleden tijd

      telde afafteldetelden afaftelden

      tegenwoordig deelwoord

      aftellendaftellende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren