NEDERLANDS
🇳🇱

    Afweken

    uncommonZipf 2.0

    werkwoord

    • afweken

      Werkwoord/'ɑfwekən; 'ɑfwekə/

      infinitief

      afweken

      tegenwoordige tijd

      week afafweekweekt afafweektweken afafweken

      verleden tijd

      weekte afafweekteweekten afafweekten

      tegenwoordig deelwoord

      afwekendafwekende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren