NEDERLANDS
🇳🇱

    Ambulancier

    uncommonZipf 2.6

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de ambulancier

      Zelfstandig naamwoord/; ɑmbylɑ͂ː'ʃe; ɑmbylɑn'sir; ɑmbylɑns'je/

      enkelvoud

      ambulancier

      meervoud

      ambulanciers

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.