NEDERLANDS
🇳🇱

    App

    B1

    applicatie; werkwoord

    • de app

      Zelfstandig naamwoord/'ɛp; 'ɑp/

      applicatie

      enkelvoud

      appappje

      meervoud

      appsappjes
    • appen

      Werkwoord/'ɛpən; 'ɛpə; 'ɑpən; 'ɑpə/

      infinitief

      appen

      tegenwoordige tijd

      appapptappen

      verleden tijd

      appteappten

      tegenwoordig deelwoord

      appendappende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.