NEDERLANDS
🇳🇱

    Autobus

    B1uncommonZipf 2.4

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de autobus

      Zelfstandig naamwoord/'ɔutobʏs; 'otobʏs/

      enkelvoud

      autobusautobusje

      meervoud

      autobussenautobusjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.