NEDERLANDS
🇳🇱

    Autorit

    uncommonZipf 2.4

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de autorit

      Zelfstandig naamwoord/'ɔutorɪt; 'otorɪt/

      enkelvoud

      autoritautoritje

      meervoud

      autorittenautoritjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren