NEDERLANDS
🇳🇱

    Bedrinken

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • bedrinken

      Werkwoord/bə'drɪŋkən; bə'drɪŋkə/

      infinitief

      bedrinken

      tegenwoordige tijd

      bedrinkbedrinktbedrinken

      verleden tijd

      bedronkbedronken

      tegenwoordig deelwoord

      bedrinkendbedrinkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren