NEDERLANDS
🇳🇱

    Benevelen

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • benevelen

      Werkwoord/bə'nevələn; bə'nevələ/

      infinitief

      benevelen

      tegenwoordige tijd

      benevelbeneveltbenevelen

      verleden tijd

      beneveldebenevelden

      tegenwoordig deelwoord

      benevelendbenevelende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren