NEDERLANDS
🇳🇱

    Benutte

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • benutten

      Werkwoord/bə'nʏtən; bə'nʏtə/

      infinitief

      benutten

      tegenwoordige tijd

      benutbenutten

      verleden tijd

      benuttebenutten

      tegenwoordig deelwoord

      benuttendbenuttende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren