NEDERLANDS
🇳🇱

    Bereizen

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • bereizen

      Werkwoord/bə'rɛɪzən; bə'rɛɪzə/

      infinitief

      bereizen

      tegenwoordige tijd

      bereisbereistbereizen

      verleden tijd

      bereisdebereisden

      tegenwoordig deelwoord

      bereizendbereizende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren