NEDERLANDS
🇳🇱

    Beticht

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • betichten

      Werkwoord/bə'tɪxtən; bə'tɪxtə/

      infinitief

      betichten

      tegenwoordige tijd

      betichtbetichten

      verleden tijd

      betichttebetichtten

      tegenwoordig deelwoord

      betichtendbetichtende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren